Tagarchief: gebrek-denken

De negativiteit spuugzat – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


15 juni 2012

Dag 299: De negativiteit spuugzat

Frustraties bij mensen die de natuur als essentieel onderdeel van het leven beschouwen, kunnen soms hoog oplopen. Dat heeft alles te maken met de veel te geringe aandacht van de politiek (ook in internationale zin), van de media en in het onderwijs. Uiteraard zijn er uitzonderingen, maar die zijn te sporadisch. We leggen eerder de nadruk op al het negatieve dat we zien en vergroten dat graag uit.

We doen of we gelukkig zijn maar als we door onze buitenkant heen prikken voelen we ons ellendig, zijn zwaarmoedig over de toekomst of ontkennen in het geheel onze behoeften aan een voldoening gevend leven. Onbewust vluchten we voor negativiteit in allerlei soorten verslavingen en afwijkend gedrag. Maar we kunnen helemaal niet vluchten voor negativiteit omdat het dagelijkse nieuws, in welke medium vorm ook, ons hiermee bestookt. Oorlogen, diefstallen, moorden, verkeersdoden, kindermishandeling, vrouwenhandel, oplichting, dierenmishandeling, vergiftiging, ziekten en vervuiling, zijn allemaal maar een greep uit wat dagelijks op ons afgevuurd wordt. Geen wonder dat we ons akelig voelen!

In mijn omgeving hoor ik steeds meer mensen zeggen dat ze geen krant meer lezen. En ik moet toegeven, ook ik doe dat nog amper. Ik ben het namelijk spuugzat om alleen maar met de verrotte wereld geconfronteerd te worden. De mensen en organisaties die wel goed werk verrichten en hun uiterste best doen om de wereld een stukje beter te maken, zijn veel interessanter.

Wat dat betreft ben ik blij met de nieuwe media. Hier kan ik tenminste gelijkgestemden uitkiezen die mij hun positieve nieuws verschaffen. Ik wil weten en ervaren wat er wel goed is in de wereld, wat aantrekkelijk is voor mij maar ook voor mijn omgeving en voor de mensheid. Ik wil goede, effectieve, milieuvriendelijke en sociaal aanvaardbare oplossingen horen, zien, voelen en heel graag doorgeven!

Tegenover ieder negatief verhaal dat in het nieuws komt, zou een opbouwend verhaal moeten staan, dat onze menselijke en natuurlijke samenleving helpt om op een hoger niveau te komen. Wij zijn allen verantwoordelijk voor het van de daken schreeuwen en belangrijk maken van goede oplossingen voor het leven. De kritische negatieve blik moet een positieve opbouwende tegenhanger hebben. Pas dan is er balans en komen we onder de grauwsluier vandaan.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Leren op een natuurlijke wijze naar het leven te kijken? Klik hier

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, De Aarde, ecopsychologie, emoties, natuur

Natuur optimaliseert, de mens maximaliseert – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


31 mei 2012

Dag 285: Natuur optimaliseert, de mens maximaliseert.

De oorzaak van onze huidige precaire economische situatie wordt, wat mij betreft, in deze quote in één keer uitgelegd:

Nature optimizes, humankind maximizes.*

Ik ben geen econoom, ondanks verwoede pogingen om professor Heertje’s boeken op school te doorgronden. Maar als ik bovenstaande quote lees, begrijp ik veel beter waarom het hele economische systeem me nooit heeft bekoord. Voor mij gaat het voornamelijk over gebakken lucht. Het gaat over iets dat niet zintuiglijk vast te leggen is. Economie is voor mij een systeem dat bedacht is door mensen, een spelletje, een set regels waarmee we denken beter te worden.

Is de wereld beter geworden van deze bedachte set aannames? Als ik kijk naar de hongersnood, armoede, oorlogen om olie in de wereld, dan zou ik denken van niet. Is de onderlinge menselijke band er hechter door geworden? Als ik kijk naar het graaigedrag van politiek leiders, leiders van bedrijven of welzijnsorganisaties, dan zou ik ook denken van niet.

Mijn simpele geest, die ooit geleerd heeft dat dingen op kunnen raken en eindig zijn op deze aardbol, kan er toch niet bij dat je kunt blijven denken dat alles meer en groter moet zijn. Als je als bedrijf meer wilt blijven verkopen en daarop gefocust blijft, en je zou je product aan iedereen in de wereld willen slijten, dan nog komt daar echt een keer een einde aan. Tenzij je buitenaardsen weet te bereiken natuurlijk, dan is het universum je oneindige markt. Maar zolang er nog geen contact is met aliens moeten we het doen met wat er is. En dat laatste is nu net waar de natuur zo goed in is! En wij niet.

Wij willen het niet doen met wat er is, wij denken ‘meer’ te moeten willen, want dat wordt ons met de paplepel ingegoten. We worden steeds geconfronteerd met boodschappen dat we iets ‘meer’ moeten. Het schijnt van belang te zijn dat wij steeds iets consumeren dat beter is, anders is, bijzonderder is, meer smaak heeft, nieuwer en duurder is dan daarvoor. Het is heel moeilijk voor de westerse mens om te bedenken dat iets ook wel een keer goed is.

Ook ik ben geconditioneerd door dit systeem en kan maar lastig invoelen hoe de wereld eruit zou zien als je het maximaliseren loslaat en gaat optimaliseren. Maar ik weet één ding zeker:  als we durven denken dat niet alles in geld is uit te drukken omdat er ook een uitruil van diensten kan plaatsvinden om de kwaliteit van leven te verbeteren, dan maken we een grote sprong voorwaarts.

Het is niet eenvoudig om onze manier van leven en denken los te laten, per slot van rekening doen we het al zo lang zo en zijn we geheel geconditioneerd. Maar het mooiste voorbeeld van hoe je een samenlevend systeem draaiende kunt houden op een gebalanceerde harmonieuze manier, ligt vlak voor onze snufferd: de natuur. Van dat perfect op elkaar aangesloten, optimaliserende, systeem kunnen wij nog het meeste leren.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

* Citaat uit: Profit beyond measure – Johnson & Broms (2000)

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, De Aarde, ecopsychologie, natuur

Kiezen tussen obstakels of aantrekkelijkheid – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


22 mei 2012

Dag 277: Kiezen tussen obstakels of aantrekkelijkheid

Nu het zulk mooi weer is, ben ik automatisch meer buiten, met laptop en al. We hebben de buitentafel pas afgelopen weekend opnieuw op het terras geïnstalleerd, want laten we wel zijn, eerder was het veel te koud. Uiteraard is het terras een puinhoop. Mooi om te zien is hoe ieder organisme dat zich op, onder en naast het terras bevindt, geen enkel obstakel ziet om te groeien. Honderd berkjes van 1 centimeter doen hun best om een boom te gaan worden, maar door mijn tussenkomst gaat dat helaas niet lukken. Als ze groot genoeg zouden worden zouden  ze de stenen met gemak omhoog drukken, dat vormt geen enkel obstakel. Maar ook wormen, torretjes en spinnen laten zich niet weerhouden door wat er op hun pad komt. Wie dan leeft, wie dan zorgt, lijkt hun motto te zijn.

Uiteraard kan ik dit meteen koppelen aan het menselijk brein dat obstakels kan verzinnen zonder dat ze reëel in zicht zijn. Het is een gave om iets goed te kunnen inschatten, maar het kan ook een enorme valkuil zijn. Als je goed bent in het snel beren op de weg zetten, dan kom je uiteindelijk nergens.

Ik heb het al vaker geschreven; in dat opzicht is ons brein een handicap. We kunnen zo goed fantaseren dat de fantasie werkelijkheid voor ons wordt. Kijk ik naar het kleine vliegje dat nu op mijn toetsenbord loopt, dan bemerk ik zijn gedrevenheid om uit te vinden wat hij er eigenlijk mee kan. Is het eetbaar? Kun je er in wonen? Misschien wel eitjes in leggen? Zijn er geschikte partners te vinden? Alles wordt geïnspecteerd op aantrekkelijkheid, niet op obstakels.

Hoe vaak doen wij dat eigenlijk op een dag? Hoe vaak zijn wij op ontdekkingsreis naar wat aantrekkelijk voor ons is zonder ons te laten dwarsbomen door obstakels? Zijn we in staat om onze gedrevenheid en passie ruim baan te geven, (zoals het zwart-groene torretje dat nu mijn beeldscherm inspecteert) zodat we in ons element kunnen zijn, of laten we ons weerhouden door twijfel over de afloop?

Het los kunnen laten van onzekerheid over de uitkomst, is één van de moeilijkste dingen voor een mens. Ons brein, dat in een mum van tijd allerlei scenario’s ophoest, zit ons daarbij behoorlijk dwars. Het zwart-groene torretje heeft daar geen problemen mee. Hij heeft genoeg van mijn beeldscherm en vliegt weg, naar aantrekkelijker oorden. Achter zijn neus aan. De dag plukkend en voelend naar wat goed voor hem is.

Ach ja, dáár begint het natuurlijk allemaal mee: voelen we wat persoonlijk goed voor ons is en wanneer we echt in ons element zijn? Het torretje voelt dat exact.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Leren vertrouwen op je natuurlijke zelf? 
Lees mijn ebook, te verkrijgen bij bol.com :

http://www.bol.com/nl/p/zelfvertrouwen/9200000035034679/

Hoe werkt dit boek?
Na een uitleg over hoe het kan dat we de verbinding met onszelf zijn verloren, volgen vier stappen die mijns inziens nodig zijn om weer in verbinding te komen met jezelf. In iedere stap geef ik ook een samenvatting van de ervaringen van twee cliënten, Tom en Lisa**. Zij volgden met succes deze methode.
Aan het eind van ieder hoofdstuk vind je oefeningen die je helpen met het specifieke onderdeel dat daarvoor is uitgelegd.
De vier stappen zijn:
 
Stap 1: Onderzoeken wat natuur voor je doet
Hierin ga je onderzoeken welke invloed de natuur op je heeft en welke ervaringen je ermee hebt gehad. Je weer openstellen voor zintuiglijke prikkelingen die voor je welzijn zorgen, staat hier centraal.
 
Stap 2: Bewust worden van het hoofd versus het lichaam
Deze stap maakt je bewust van het verschil tussen gedachten en gevoel. Het wordt je duidelijk op welke wijze je rationele denken je zintuigen kan dwarszitten. Verschillende manieren van het omzeilen van de zintuigen en hoe je dit kunt voorkomen worden besproken.
 
Stap 3: Het lichaam weer verbinden met het hoofd
Het creëren van optimale samenwerking tussen gevoel en ratio is de volgende stap. Belangrijk is om de juiste woorden te leren geven aan wat je voelt. Het voelen en denken wordt weer één. Het bekrachtigen van ervaringen door er woorden aan te geven is van essentieel belang om positieve ervaringen te verankeren in je lichaam. Dan weet je wanneer je op jezelf kunt vertrouwen.
 
Stap 4: Met zelfvertrouwen je eigen pad volgen
Als laatste ga je durven volgen wat je hart je ingeeft: je gaat in actie komen!
In deze stap leer je, aan de hand van voorbeelden en een actieplan, verschillende mogelijkheden om vol zelfvertrouwen de juiste weg te kiezen of beslissingen te nemen.an de natuur leren om in je element te komen?

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, natuur

Voldoening uit zelfstandigheid – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


1 mei 2012

Dag 257: Voldoening uit zelfstandigheid

Vandaag werd ik geïnspireerd door deze aardbewoner:

Gedreven verplaatst hij zich over de oude rietstengel, die een stuk gladder is dan het kleipad eronder. Het kan een gelukje zijn dat hij deze stengel tegenkomt maar wie weet heeft hij hem bewust uitgezocht. Dit doet me meteen denken aan de gedrevenheid van de hele natuur die constant blijft zoeken naar de beste levenswijze.

Als ik naar een boom kijk die rondom takken heeft gemaakt en geen plekje onbenut laat om licht op te vangen, dan heb ik daar bewondering voor. Er is een groep mensen die op eenzelfde manier in het leven staat. Zij zoeken altijd naar nieuwe wegen om zich letterlijk en figuurlijk te voeden. Ze zien overal mogelijkheden. Het kan een karaktereigenschap zijn, maar het kan ook aangeleerd zijn.

Als je al op jonge leeftijd leert om zelf je weg te zoeken, je passie te volgen, je creativiteit te uiten, dan is de kans veel groter dat je achter mogelijkheden aangaat om in je onderhoud te voorzien. Je bent er ontvankelijk voor.

Daarnaast is er een grote groep die aangeleerd afhankelijk is. Deze mensen zijn nooit gestimuleerd om hun eigen weg te vinden en zelfstandig te opereren. Dat hoeft geen probleem te zijn als je graag geleid of begeleid wordt. Maar vaak resulteert het afhankelijke juist in het niet kunnen vinden van voldoening. Verzuring, negativisme, gebrek-denken en gefrustreerd zijn, volgen automatisch.

Je haalt veel meer voldoening uit hetgeen je zelf hebt uitgezocht, uitgevonden, gedaan of gemaakt dan wanneer je een ander volgt. Je vertrouwt dan op wijsheid van anderen, maar het gevaar is groot dat je teleurgesteld raakt. Anderen doen of willen het vaak net even anders dan jij. Pas als je het leven in eigen hand neemt en open gaat staan voor wat aantrekkelijk voor je is, dan ga je de mogelijkheden op je levenspad ook zien. Je trekt ze waarschijnlijk zelfs aan.

De slak heeft de mogelijkheid in ieder geval gezien en genomen.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

1 reactie

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, natuur, zintuigen

Negativiteit omkeren naar attractiviteit – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


20 april 2012

Dag 247: Negativiteit omkeren naar attractiviteit

Afgelopen week zag ik een nieuwsitem op het journaal over de slechte economische toestand van Spanje. Vele bedrijven zijn failliet of staan te koop, mensen hebben hun baan verloren en moeten schipperen met geld. Een hele negatieve situatie. Toch vond ik 1 van de geïnterviewden helemaal niet negatief overkomen. Een wat oudere man vertelde over hoe hij zijn werk was kwijtgeraakt en nu dagelijks vuilcontainers doorzocht om te kijken of hij daar nog spullen zou tegenkomen die hij eventueel kon verkopen.

Je kunt heel negatief naar deze situatie kijken: eerst had de man een baan, nu doorzoekt hij vuilcontainers. Wat deze man echter doet is zijn dagelijks bestaan op een andere wijze beschouwen door naar nieuwe mogelijkheden te kijken zodat hij en zijn familie kunnen leven. De man kwam ook niet over als een slachtoffer. Duidelijk was dat hij liever werk zou hebben, maar nu had hij een manier gevonden om in ieder geval iets aan inkomen binnen te krijgen.

Als de man in een negatieve grondhouding zou blijven, door te gaan klagen over zijn slechte situatie, dan volgt hij niet wat attractief voor hem is. Hij zou zich vastbijten in een slachtofferrol met bijbehorende gedachten, en het zeer waarschijnlijk steeds slechter krijgen.

De kunst van het leven is te blijven zoeken naar wat attractief en gezond voor je is en niet te verzanden in gedachten over wat er niet aantrekkelijk is. En dat laatste kunnen we heel goed. De kranten staan er vol mee. Waar we voor op moeten passen, welke ongelukken er gebeurd zijn, wie er vermoord is, waar er is ingebroken, waar er oorlog is… en ga zo maar door. Er zijn veel te weinig berichten waarin creatieve oplossingen voor problemen naar voren komen. Met andere woorden: de nieuwsbrengende massa media houden ons in een negatieve denkspiraal.

In de natuur zoeken alle organismen naar wat attractief voor hen is. Ze gebruiken daarbij hun zintuigen. Als iets onattractief is, zoeken ze onmiddelijk weer mogelijkheden die wel attractief zijn. Denk maar aan een plant die je in de huiskamer steeds moet omkeren omdat hij naar 1 kant groeit: de kant van het attractieve licht. Die basis bevindt zich ook in ons, maar we laten ons meesleuren door negatieve verhalen van anderen en vergeten dat we onze zintuigen moeten volgen.

“Ik lees geen kranten meer, ” vertelde een cliënt. “Het brengt me niets.” En daarin heeft hij gelijk. Negativiteit brengt niets, maar neemt alleen maar. Pas als je de negativiteit weet om te keren naar iets wat aantrekkelijk en dus positief is, dan ga je weer de voldoening uit het leven halen.

Ik weet niet of iedereen de positiviteit in het journaal-item heeft gezien. Maar ik ben blij dat er iemand gefilmd was die creatief naar oplossingen zocht. Het wordt hoog tijd dat er meer balans in de berichtgeving komt.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Je laten inspireren door de natuur? Klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Hier zijn geen woorden voor -365 dagen verbinden met de natuur – Ecopsychologie


Sinds vandaag mogen er in Canada weer 400.000 zeehondjes doodGEKNUPPELD worden. Voor vlees en bont… Alsof we geen vlees genoeg hebben en bont nog van dieren moeten halen.

Daar word ik toch even heel stil en verdrietig van…

Wordt vervolgd.

Francoise Vaal

4 reacties

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur

De relativiteit van het begrip #winter – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


2 februari 2012

Dag 170: De relativiteit van het begrip winter

Het is best goed te doen in het open veld vandaag, als ik tegen de zon inloop. Die staat alweer vlak boven de horizon om zo weer te verdwijnen, maar ik ben o zo blij dat hij schijnt. Ik loop en loop, muts tot vlak boven mijn ogen getrokken, sjaal tot boven mijn mond en probeer het moment van omkeren zo lang mogelijk uit te stellen. Ik loop naar het westen en de wind komt uit dat ijzige noordoosten! Brr!

Kou, sneeuw, ijs en hagel symboliseren het gestopte leven, een overlapping naar de periode van ontluikend leven. Schrijvers en filmmakers gebruiken het dan ook graag als symbool voor dingen die stoppen, armoede, gevoelens die verborgen blijven, leegheid, kaalheid, depressiviteit, afwezigheid van hoop, gebrekkigheid en het einde der tijden. Een tijd van ‘niets’ dus.

Ik loop door en laat de koude wind nog even tegen mijn rug aan waaien voordat ik besluit om te keren. Ineens vliegen er welgeteld dertien kleine zilverreigers en één blauwe op van de slootkant. De sloten in deze polder liggen namelijk altijd open door omhoog komend kwelwater. Watervogels vinden dat wel een goede uitvinding. Hier staat de winter dus helemaal niet symbool voor leegheid en dood, want ineens is er juist veel meer leven dan anders langs de slootkant!

Het begrip ‘winter’ is dus maar relatief. In mijn ogen staat het ook voor de kracht en creativiteit om te overleven. Wat is daar nou ‘doods’ aan? Dat is zo levend als wat!

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

 

Leren van de natuur om dichter bij jezelf te komen? Klik hier

 

 

 

2 reacties

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, natuur

#Zingeving in verantwoordelijkheid – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


25 januari 2012

Dag 162: Zingeving in verantwoordelijkheid

De wereld hangt aaneen van clichés. En ik haat ze omdat ze alles en iedereen in hokjes stoppen. En als dat gebeurt dan houdt ‘verder denken’ automatisch op. Een voorbeeld: ooit heb ik een sticker van de Partij voor de dieren op mijn kliko bak geplakt. Allereerst wilde ik de bak onderscheiden van de andere in de straat (omdat ze allemaal bij elkaar staan), maar ten tweede vond (en vind ik nog steeds) dat ze alle aandacht verdienen omdat ze goede dingen doen. Doordat mensen mij hebben kunnen linken aan de sticker heb ik wel wat clichés naar mijn hoofd gekregen:

–         Je eet dan dus geen vlees!

Nee, ik eet wel vlees, maar beduidend minder dan vroeger en alleen biologisch

–         Je bent dan zeker ook tegen de jacht?

Nee, daar ben ik niet tegen, maar ik vind wel dat er controle op moet zijn, dat niet iedereen maar lukraak in het rond gaat schieten op dieren

–         Eigenlijk ben je dus een geitenwollen sok!

Euh, geen idee, wat is de definitie van geitenwollen sok dan?

–         Iemand die overal tegen is, en die terug wil naar de oertijd!

Oh nee, nee hoor, dan ben ik geen geitenwollen sok. Een grot lijkt me niks.

U kunt de verbazing op de gezichten van mijn veroordelende gesprekspartners waarschijnlijk wel voorstellen. Het punt is duidelijk: als liefhebber van deze prachtige planeet, die ik zie als de bron van mijn leven, krijg ik diverse stempels opgeplakt. Bomenknuffelaar, tuinelfje, alternatieveling, vriendin van prinses Irene en dus de bekende geitenwollen sok.

Als ik met deze mensen in discussie probeer te gaan (en daar heb ik natuurlijk lang niet altijd zin in), dan merk ik meteen de angst voor verandering bij ze op. Angst dat ze nooit meer vlees en vis mogen eten, dat ze in een hutje op de hei moeten gaan wonen, dat ze zich om de natuur moeten bekommeren in plaats van om menselijke cultuur, dat ze nooit meer auto mogen rijden en het huis amper mogen verwarmen of verlichten etc.

Als de angst regeert kom je vast te zitten in een patroon van ‘voorkomen dat je iets kwijtraakt’. Je bent dan alleen nog maar bezig met negatieve energie die jou in een spiraal naar beneden trekt. En dat is jammer, want het is onnodig.

Het mooie van vele organisaties die vechten voor de natuurlijke balans, is dat er juist gekeken wordt naar vooruitgang. “Als ik geen vis meer kan eten noem ik dat geen vooruitgang!” hoor ik dan. Inkoppertje: “Als je zo doorgaat met vis eten, eet je daarna helemaal nooit meer vis! Heb je dat liever?”

Kortom: het gaat om het hervinden van balans op aarde, die wij zelf verstoord hebben. Het gaat om begrijpen dat wij een balans op de aarde nodig hebben om te kunnen eten, ademhalen en drinken, ofwel: leven.  Als wij alles om zeep helpen, helpen we uiteindelijk ons zelf om zeep.

Dus in plaats van alles angstvallig te houden zoals het is, is het beter om actief te kijken naar nieuwe mogelijkheden die bijdragen aan het herstellen van de balans, zoals vele organisaties doen. Je focust dan op een doel, op een succes dat je wilt bereiken en niet op de angst dat je iets gaat verliezen. Focussen op een doel brengt positieve energie met zich mee.

Op het moment dat je door krijgt dat de natuur de enige bron is die ons leven rechtvaardigt, ga je er heel anders tegenaan kijken. Als je merkt dat je het verschil maakt door mee te werken aan een betere leefomgeving ga je een intens gevoel van voldoening ervaren. De angst is dan omgevormd naar een proactieve houding die voldoening brengt. Zingeving dus.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

 

Voor de maandelijkse Terugnaarjenatuur wandeling klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, De Aarde, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur

Het geheim van geduld – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


19 januari 2012

Dag 156: Het geheim van geduld

Als ik één eigenschap niet van mijn moeder heb geërfd, dan is het wel geduld. Zij kon uren achter de naaimachine zitten en ingewikkelde dingen maken of lastige patronen breien. Ook haalde ze het rustig weer uit als het niet naar haar zin was en begon opnieuw. Zonder veel verbaal vertoon. Ik heb een naaimachine (een wonder dat hij nog nooit uit het raam is gevlogen), maar breien heb ik op de lagere school al opgegeven.

Het lijkt of ongeduld een typisch menselijk ding is. Als ik in de natuur om me heen kijk dan zie ik overal geduld. Vanmiddag nog zag ik een valk bidden boven een weiland; hij vloog weer een stukje verder, wederom bidden, en dat ging zo even door, zonder resultaat. Op tv zag ik gister een paar hongerige wolven die met engelengeduld probeerden een moeder beer en welp te scheiden. Ze houden pas op als de kans van slagen echt miniem is, maar het betekent niet dat ze opgeven. Daar heb ik enorm respect voor.

In Nieuw-Zeeland was ik zeer gecharmeerd van zeer geduldige muggenlarven (Te Anau glowworms) die kunnen opgloeien (bioluminescentie) om zo prooien (kevertjes, vliegjes) te lokken die vervolgens in hun nauwkeurig gesponnen plakdraadjes vliegen. Met velen bevinden ze zich in een grot, blauwe loklichtjes producerend en wachten…en wachten… en wachten tot ze iets vangen.

Een fenomenaal staaltje geduld. En dat terwijl ze ook nog niet eens heel lang leven. Ze zijn 6 tot 9 maanden een larve, worden dan een volwassen vlieg en leven nog 3 (!) dagen alleen ter voorplanting. En het hele circus begint opnieuw.

Mijn eigen ongeduld in het leven moet duidelijk een beetje gerelativeerd worden als ik aan ze denk. Waarom dat ongeduld? Waar maak ik me druk om als de computer niet snel genoeg is, of er een langzame vrachtauto voor me zit, of de hond niet door wil lopen?! Het is tenslotte allemaal negatieve energie. De hele natuurlijke wereld zit vol met geduld en positieve energie. De natuur geeft niet op, maar probeert steeds opnieuw totdat het succes heeft.

Stiekem hoop ik dat een voorouder me dat ongeduldige gedrag heeft meegegeven, want dan kan ik er tenminste niets aan doen. Maar eigenlijk ben ik bang dat het gewoon aangeleerd menselijk gedrag is…. dat je moet afleren.

Wordt vervolgd.

Francoise Vaal

Voor counselling en coaching in de natuur klik hier

1 reactie

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur

Geen beren maar mussen en kikkers ; 365 dagen Verbinden met de #Natuur ; #ecopsychologie


12 januari 2012

Dag 149: Geen beren maar mussen en kikkers

In mijn praktijk werk ik dagelijks met mensen die blokkeren en niet verder komen in het leven, werk of hun relatie. De spreekwoordelijke beren op de weg hebben de overhand gekregen en er is geen doorgang meer zichtbaar. Alles zit muurvast.

Al eerder schreef ik dat ons mens-zijn vaak verheerlijkt wordt vanwege het superieure brein dat wij zouden bezitten. Regelmatig is dat brein echter een behoorlijke vloek, omdat het onmogelijkheden (beren) schept die het voor reëel aanneemt, zonder dat ze onderzocht zijn.

Op zich is een opdoemend probleem niet erg, maar als we er irreële consequenties aan gaan verbinden dan zijn we verkeerd bezig. Het is hard werken geblazen om in het reine te komen met deze beren, zodat ze ons leven niet meer verpesten. We zijn door ons ontwikkelde brein te ver afgeraakt van onze basis: bewegen in de richting van wat ons aantrekt in plaats van wat ons tegenhoudt.

Een aantal weken geleden bezocht ik Waimangu Volcanic valley in de buurt van de stad Rotorua in Nieuw-Zeeland. Een fikse wandeling bergafwaarts langs stoomgaten, zure meren, geisers en slapende vulkanen. Het gevoel dat je hier verbinding maakt met het binnenste van Moeder Aarde maakt een mens nederig. Hier is zij overduidelijk de baas. Ik geniet van het landschap, maar niet van de zwavellucht die je op de koop toe moet nemen. Het lijkt wild en onleefbaar. Aan het einde van de wandeling word ik echter ineens geconfronteerd met luid gekwaak. Er blijkt een poeltje vol gifgroene kikkers te zijn, die hun uiterste best doen om zoveel mogelijk lawaai te maken. Ik kijk om me heen, zie de hete stoom uit allerlei gaten oprijzen en kan bijna niet geloven dat juist hier leven is.

Mijn ongeloof slaat door naar opperste verbazing als ik een klein, driftig sputterend geisertje zie, waar een slimme mus exact door heeft waar hij kan landen zonder zijn pootjes te verbranden. Ik kijk toe als hij in alle rust iets opeet, vlak naast de geiser.

In deze onvriendelijke omgeving zien organismen mogelijkheden voor een bestaan. Ze hebben uitgedokterd waar dat wel en niet kan en maken optimaal gebruik van hun kansen. De mus en de kikkers denken niet in onmogelijkheden. Ze gebruiken hun zintuigen om na te gaan wat goed voor hen is en ondernemen daar actie op. Hun natuurlijke aantrekkingskracht helpt hen te leven. Ze focussen op wat ze willen bereiken, niet op wat in de weg staat.

Ieder mens die last heeft van beren op de weg zou een voorbeeld moeten nemen aan deze mussen en kikkers.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Counselling & coaching in de natuur?  klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, De Aarde, Dieren, ecopsychologie, natuur, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Waarom kiezen we voor een gebrek?


8 oktober 2011

Dag 75: Waarom kiezen we voor een gebrek?

In de natuur werkt alles met aantrekkingskracht. Organismen werken samen omdat het voor beiden goed is. Je zou het liefde kunnen noemen. Onvoorwaardelijke liefde van een atoom dat zich aangetrokken voelt tot een andere. In een mensenleven is het niet anders. We worden aangetrokken door licht, voedsel, water, andere mensen etc. Toch zouden er niet zoveel counselors en psychologen rondlopen als we ons allemaal zouden focussen op wat ons aantrekt en wat goed voor ons is.

Ondanks dat het in de natuur zo werkt, zijn wij het anders gaan doen: voor ons is het veel makkelijker geworden om te focussen op wat we niet willen, wat schokkend is, waar we verre van willen blijven etc.! We zijn ook graag bezig met de ellende van anderen, dan denken we dat wij het misschien een beetje beter hebben.

We lezen veel slecht nieuws en worden gebombardeerd met waarschuwingen tegen van alles. Helaas werkt dat angstige gevoelens in de hand. Er zijn veel organisaties en politieke partijen die ergens tegen zijn en dat luid prediken. Men focust op het negatieve en helaas vaak zonder werkzame oplossingen aan te dragen. Zo blijft de toehoorder dus hangen in de negatieve gevoelens zoals angst of woede. In het bedrijfsleven komt het helaas ook vaak voor: managers leggen de nadruk op de dingen die niet goed gaan of verkeerd zijn gegaan. Zo kan het verkeren dat grote groepen mensen in meer of mindere mate in angst of met het idee van gebrekkigheid leven.

Als er gebrek is, is er ontevredenheid. Of mensen nu rijk zijn of arm, ze willen allebei meer uit het leven halen. Het percentage dat men het beter wil hebben, zo blijkt uit Amerikaanse onderzoeken, is voor beide gevallen hetzelfde: 15%

De een wil graag spullen en heeft het niet, en de ander heeft spullen maar is nog niet gelukkig of haalt te weinig voldoening uit het leven. Er wordt gefocust op problemen en gebreken in plaats van oplossingen en wat aantrekt.

In de natuur wordt alleen maar gedacht in oplossingen. Negativiteit bestaat er eigenlijk niet. Of iets werkt, of het werkt niet. Als organisme wordt je aangetrokken tot iets dat je leven voedt, of niet. Je kunt samenwerken met een ander organisme of niet.

Wij mensen blijven te vaak hangen in: “waarom werkt het niet, waarom kunnen we niet samenwerken, waarom voelt de ander zich niet tot mij aangetrokken, waarom ben ik niet gezond.” (Hoe voelt het, als de voorgaande zinnen leest?)

Pas op het moment dat je het waarom los kunt laten en daadwerkelijk gaat bewegen naar zaken die je inspireren of waar je gevoelsmatig (!) door aangetrokken wordt, dan gaat het leven weer stromen.

Dan ga je denken: “Wat werkt wel, welke samenwerking gaat beter, wie voelt zich wel tot mij aangetrokken, wat maakt mij gezond”. Terwijl ik dit opschrijf, voel ik een verandering in mij. Het negatieve denken voelt als ineenkrimpen en op slot zitten. Het positieve voelt meteen ruimtelijk, ruimte om te onderzoeken, ruimte voor mogelijkheden, ruimte voor beweging. Heerlijk! Voel je het ook? 

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Voor positieve counselling in de Natuur klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Is de natuur ‘half leeg’?


17 september 2011

Dag 54 : Is de natuur ‘half leeg’? 

Ik vraag me af of er in de natuur ook een emotie bestaat als teleurstelling. Als ik mijn gedachten erover laat gaan, kan ik alleen maar bedenken dat dit dan bij onze dichtstbijzijnde soortgenoten, de apen, moet zijn.

Teleurstelling heeft meestal een verdrietig gevoel tot gevolg, maar het kan ook nog vermengd worden met boosheid over het niet bereiken van een bepaald doel. Dus niet zomaar boosheid, alsof je zojuist bemachtigde banaan van je gepikt wordt, maar teleurstelling dat je de banaan niet hebt kunnen bemachtigen.

Ik denk wel eens dat mijn hond ook teleurgesteld kan zijn als ik wegga. Zo kijkt ze wel in ieder geval, een beetje triest. Onzin natuurlijk, dat is een verhaal in mijn hoofd, wat ik erbij verzin. Dat als zij een beetje lodderig uit haar ogen kijkt omdat ze weet dat ik wegga, ze meteen teleurgesteld en dus verdrietig is. Dat is de aanname die ik doe. Het zou eerder wellicht nog angst kunnen zijn, van ‘komt ze wel terug?’ of ‘ik weet niet wat er nu van me wordt verwacht’, maar teleurstelling, daar geloof ik niet in.

Bij de jacht van leeuwen zie je op tv dat ze een buffel of zebra te pakken krijgen, en meestal niet de beelden dat dit niet lukte. En dat terwijl ze  meer acties maken die niet beloond worden! Ze zouden dus vaak teleurgesteld moeten zijn. En toch kennen ze teleurstelling niet. Ze zijn in het NU, en voelen of iets gelukt is of niet. Maar ze verbinden daar geen consequenties aan. Eén ding staat wel vast: ze moeten weer een keer jagen om te eten.

Wij mensen hangen allerlei verhaaltjes, mogelijke consequenties, aan een teleurstelling. Dat kan met een gebrek aan zelfvertrouwen te maken hebben. Dan denken we “Dat lukt mij ook nooit!” OF: “Zie je wel daarvoor ben ik ook niet goed genoeg”. Als dit vaker voorkomt dan zou je wel eens kunnen gaan denken dat het de waarheid is. En zo verzwakken we ons zelf, durven we zaken niet meer aan te gaan uit angst voor weer een teleurstelling, weer een confrontatie met iets dat je niet kunt.

Als een leeuw dat zou doen, zou hij verhongeren. Teleurstelling is geen optie. Je vraagt je af waarom wij een dergelijke emotie ontwikkeld hebben. Is het dan net zoiets als ‘je wonden likken?’ en je weer voorbereiden op een volgende actie? In ons geval is het kennelijk het verzorgen van een geestelijke wond.

Ik ken mensen die een week lang van slag zijn als hun favoriete voetbalclub heeft verloren. Dat zijn wel uitzonderingen, dat geef ik toe, maar interessant blijft de vraag: waarom heeft een dergelijke teleurstelling zulke enorme gevolgen voor sommigen? Welk nut heeft deze emotie voor ons?

Ik zou het fijn vinden als ik deze emotie niet had: dan krabbel ik gewoon weer op na iedere tegenslag, alsof die er nooit is geweest. Wellicht heeft ook dit te maken met de bril die je op hebt in het leven: is het glas half vol of half leeg? Het is een feit dat de ‘half legen’ meer last van teleurstelling hebben dan de ‘half vollen’, die zien altijd het positieve weer ergens van in.

Betekent dit automatisch dat dieren ook ‘half vollen’ zijn? Of misschien wel dat de natuur per definitie het glas halfvol ziet? Ervan uitgaande dat de natuur alleen werkt met waar het tot aangetrokken wordt om te overleven, zou je denken: ja!

De boodschap voor ons is dus: houd je bezig met waar je je tot aangetrokken voelt om op een goede manier te overleven en kijk niet terug naar wat is geweest.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Voor counselling in de natuur klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Is je dag half leeg of half vol?


16 september 2011

Dag 53: Is je dag half leeg of half vol?

Eergisteren beschreef ik twee manieren om de dag te starten. Wellicht heb je jezelf erin herkend. Beide fasen kunnen ‘oké’ voelen, of je hebt een duidelijke afkeer van eentje. Veel mensen herkennen hun eigen jachtigheid in het Focus 1 verhaal. Het is een state of mind waarin je terecht bent gekomen waar diverse factoren aan ten grondslag kunnen liggen.

Is de werkdruk bijvoorbeeld te hoog op je werk dan heb je in het eerste geval geen ruimte in je hoofd om leuke dingen te zien en ervaren. Je bent gefocust op snelheid en op tijdconsumerende zaken, je schroeft je tempo op en voor relativeren is geen tijd.

Dat buren nu eenmaal geluid maken kun je steeds minder goed een plaats geven en je gaat je er zelfs op concentreren. Ze zitten jouw geluk in de weg en je oordeelt: zij zijn fout bezig.  Je voelt het misschien al: het is een energieverslindende bezigheid. Je bent met het gedrag van andere mensen bezig en hoe ze jou dwarsbomen. Je focus ligt op negativiteit.

De meeste mensen die zich zullen herkennen in Focus 2, zijn veel relaxter, nemen de ruimte om te genieten van de eenvoudige dingen van het leven. Ze waarderen de omgeving en dragen er ook toe bij.

Door bewust bezig te zijn met natuurlijke processen, de hommel en vlinder, de zonnebloem en de lucht, ben je bewust van trage natuurlijke niet-menselijke processen. Hierdoor wordt je niet opgezweept door anderen maar volg je je eigen tempo. Zoals ik al eerder schreef in de blog  “Zien = willen”, gebeurt er met de persoon in focus twee iets natuurlijks. Je wordt je weer bewust van het eenvoudige leven dat de hommel en zonnebloem hebben: eten, leven en groeien in hun eigenheid: ze Zijn.

Het verhaal van Focus 2 zou zich zo vervolgd kunnen hebben:

Onderweg zie je in een veld een paar pony’s staan die zich heel rustig voortbewegen terwijl ze grazen. Eentje kijkt er op en houdt je in de gaten maar besluit al snel verder te eten. Een stuk verder zie je langs de waterkant een aalscholver op een paal gaan zitten en zijn veren ordenen. Een geit ligt op een ander veldje te suffen met zijn ogen half dicht.  In de berm springt een pad gestaag door het gras en blijft steeds even zitten om te kijken of er iets van zijn gading is. Naaktslakken manoeuvreren zich over de vochtige stoep en je doet moeite om ze te omzeilen.

De ochtend dauw maakt dat hoe verder je naar de horizon kijkt, hoe meer alles een blauwgrijze tint krijgt. Je voelt de frisheid van de dauw op je wangen en ruikt het natte gras.  Vrolijk stap je het kantoor binnen en groet de receptioniste.

 

De persoon uit Focus 1 heeft een andere manier:

Voor je op het fietspad rijdt een brommer die iemand op een fiets voortrekt. Ze gaan veel te langzaam en je wilt er voor bij maar dat lukt niet. Je schreeuwt iets, maar ze reageren niet.  Je ziet ze door het rode verkeerslicht rijden, maar jij besluit netjes te stoppen. Naast je staat een oude vrachtwagen zijn diesel te verstoken en het slaat op je keel. Het veldje verderop, waar een paar pony’s staan irriteert je al geruime tijd. Want als ze dat weg zouden halen kon het fietspad verbreed worden en heb jij minder last van die stinkvrachtwagens.

De vrachtwagen trekt eerder op dan jij en de uitlaat dampen waaien in je gezicht. Je sprint weg om niet te laat op je werk te komen en ergert je aan auto’s die te dicht bij de stoep staan voor de verkeerslichten. Het dwingt jou de stoep op te gaan en zo onder protest van voetgangers je weg te vervolgen.

Bij het werk aan gekomen, heb je flink de pest in. Je merkt dat er geen goede plek meer vrij is om je fiets neer te zetten en je doet je beklag bij de receptioniste.

De bril waardoor je naar de wereld kijkt maakt of breekt je leven. Als we teveel en te vaak in contact komen met mensen die de focus 2 bril op hebben, door negatieve uitingen in de media, dan verkleurt jouw positieve bril. De hommel en de zonnebloem blijven wie ze zijn en dat doen ze goed. Een mens wordt niet met die negatieve bril geboren, die wordt zo gemaakt of zo je wilt: laat zich zo maken.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Voor counselling in de natuur: klik hier

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Inventiviteit wint het altijd


11 augustus 2011

Dag 37: Inventiviteit wint het altijd

“Insanity is a perfectly rational reaction to an insane World. – R.D  Laing

Heel veel mensen voelen zich onveilig op dit moment. Eerst is er een gek die op een eiland in Noorwegen zomaar wat onschuldige mensen vermoordt, en nu ruineren mensen in Engeland hun eigen omgeving omdat ze liever spullen bezitten dan een goed sociaal leefklimaat opbouwen. Is iedereen gek geworden? In de natuur breek je de eigen omgeving niet af en breng je geen schade toe aan anderen waar je iets van nodig hebt. Wat me nog het meeste ergerde aan de interviews met mensen die het eens zijn met de rellen, is het gemak waarmee ze de verantwoordelijkheid voor hun leven geheel buiten zichzelf leggen. Alsof de maatschappij geheel verantwoordelijk is voor het feit dat zij op deze aardbol rondlopen. Dit zijn mensen die wachten totdat ze iets krijgen. Zij voelen zich een slachtoffer van de maatschappij en vinden dat de maatschappij hun problemen moet oplossen. In NLP termen zou dat ‘controle buiten zelf plaatsen’ heten. De enorme valkuil waar je in kunt stappen als je in extreme mate zo denkt is: iedereen de schuld van alles geven en jezelf buiten schot houden, met als gevolg dat langzaamaan iedereen zich van je afkeert, omdat je alleen wenst te ontvangen en niets wenst te geven. En zo werkt het niet in het mensenleven. Net als in de natuur betekent het zich bevinden in een ecologisch systeem dat je ervan kunt nemen, maar dat je ook iets inbrengt.

Een boom onttrekt veel water aan de bodem en neemt kooldioxide op. Wat het teruggeeft aan het systeem, naast een plek om te wonen voor allerlei dieren, is zuurstof, beschutting, eventuele vruchten, en voeding (bladeren of boomschors voor insecten). Niet zo zeer ‘voor wat hoort wat’ maar meer in de trant van: wat heb jij te bieden wat ik wil, en wat geef ik daarvoor terug zodat we daar allebei blij van worden en beiden kunnen leven. Dit is het natuurlijke principe. Ik schreef er al meermalen over: het win-win principe.

Als je als mens steeds geconfronteerd wordt met allerlei zaken die je niet bezit kunnen er een aantal dingen gebeuren:

-je gaat klagen dat je het allemaal niet hebt en doet er niets aan; je voelt je een slachtoffer. (Deze variant is in de natuur niet terug te vinden, zelfs een hulpeloos achtergelaten jong zal proberen iets te leren om te kunnen overleven. Alles is van nature op zichzelf en zijn eigen kwaliteiten en vaardigheden aangewezen.)

-je gaat een dienst leveren (maakt niet uit wat) om te zorgen dat je inkomsten krijgt die jou kunnen geven wat je wilt. Je neemt zelf de verantwoordelijkheid en controle over je leven. (Dit is routine in de natuur).

-je vindt het onterecht dat jij minder hebt dan een ander en besluit zonder tegenprestatie het je gewoon toe te eigenen. (Dat gebeurt wel onder prooidieren van verschillende groepen. Het betekent niet dat de stelende predator zelf niet kan jagen. Het is eerder een mazzeltje dan dat dit het normale gedrag is.)

De relschoppers bevinden zich dus in de laatste categorie, met het verschil dat zij er wel een heel gedoe van maken, en opzettelijk de omgeving kapot maken. Het gevolg kan zijn dat kleine zelfstandigen, kapper, bakker, elektronica winkel etc. niet meer terugkomen omdat ze als ondernemer failliet zijn. De buurt kan dan verpauperen in het ergste geval, of geen winkels meer hebben zodat je veel verder moet reizen om hetzelfde te vinden. Kortom: er is alleen gedacht (als er al gedacht is) aan gewin op korte termijn, terwijl de ellende op de lange termijn als een boemerang terugkomt. Met zulke kortzichtigheid help je een systeem om zeep.

Als een boom vindt dat deze te weinig water krijgt kan hij proberen om water bij de buren te stelen. Maar als dit bomen zijn die door hun afgevallen bladeren voeding geven aan de bodem waar de boom staat, dan heeft de boom zichzelf ermee. Beter is wat zuiniger aan te doen, misschien wat takken laten vallen, iets minder bladeren produceren, en met de wortels wat dieper graven naar water. Ofwel: eigen inventiviteit gebruiken om de zware tijd te overbruggen.

De Engelse relschoppers zijn niet inventief, maar vinden dat anderen inventief voor hen moeten zijn. Ik vraag me af hoe de maatschappij een dergelijke grondhouding heeft kunnen voortbrengen. Je krijgt zoveel voldoening door eigen inventiviteit!

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Voor counselling in de natuur klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Relschoppen = afkoppelen


10 augustus 2011

Dag 36 : Relschoppen = afkoppelen

Met verbazing kijk ik naar de rellen in Engeland. Ik begrijp er niets van. Het opzettelijk vernielen van een omgeving waarin je zelf woont, is zo onlogisch. In de natuur zou je dat een sprinkhanenplaag kunnen toevertrouwen, met dit verschil dat die  na afloop “gewoon” naar een nieuw gebied reizen (of gevangen worden door vogels of mensen die ze opeten). Maar deze mensen die alles stuk maken hebben juist zelf niet veel en kunnen niet naar een ander gebied vliegen. Met andere woorden, ze blijven zitten met hun zelf gecreëerde ruines.
Hun frustratie is duidelijk, het gaat natuurlijk allang niet meer om de doodgeschoten jongen, maar om algemene ontevredenheid. Tussen de regels door hoor je hoe groot de afstand is tussen de wereld van de relschoppers en die van de politiek, of misschien wel de succesvollere medeburgers.
Vanuit ecopsychologisch standpunt gezien is het duidelijk dat deze groep mensen geen connectie heeft met het grote geheel of wel het ecologische systeem. Zij doen niet mee in het vormgeven van hun wereld, denken niet aan het samenwerken binnen het systeem of aan het creëren van win-win situaties.
Uiteraard vinden zij dat ze in de steek gelaten zijn door het grote systeem, dat niemand aan hen denkt of naar hen luistert. En dat zal ongetwijfeld ook voor een gedeelte terecht zijn.
In de natuur zoekt ieder organisme de ideale mogelijkheid om tot wasdom te komen, waar het gevoed kan worden, maar waar het zelf ook kan voeden. En in dat laatste zit het natuurlijk: niet alleen krijgen maar ook geven, of in dit geval deelnemen aan het systeem waar je je in bevindt. Het opzetten van een ideaal ecologisch systeem betekent ontvangen maar ook geven.
Door je omgeving te ruineren breek je dat wat er is alleen nog maar verder af.
Wat heeft aantrekkingskracht voor deze relschoppers? In eerste instantie lijkt dat toch ‘materie’ te zijn, als je naar de beelden kijkt waarop mensen te zien zijn met stapels zojuist gestolen goederen. Als wat hen aantrekt materie is, dan zou dat logischerwijs uit een gevoel van gebrek voortkomen. En het gevoel van gebrek is precies het gevoel waar de hele wereld bol van staat: commerciële boodschappen die ons de hele dag om de oren vliegen waarin ons duidelijk wordt gemaakt dat we iets missen en dus een product moeten kopen. De kapitalistische wereldvisie: we hebben het allemaal niet, dus moeten we het kopen (of stelen in dit geval).
In de natuur heeft dat nooit zo gewerkt. Er wordt alleen genomen wat het organisme nodig heeft om zijn authentieke zelf te zijn. Ik vraag me werkelijk af hoe de wereld eruit zal zien als we niet meer redeneren vanuit de gebreken die we ervaren, maar vanuit wat er allemaal is en vooral dat het voldoende is. Ongetwijfeld hadden deze rellen dan nooit plaatsgevonden.
Van belang is dat we ons realiseren dat we al eeuwenlang het negatieve ‘gebrek-denken’ hoog houden en weer doorgeven aan de volgende generaties. Als we dit niet weten te keren zullen dit soort excessen zoals we nu in Engeland zien, steeds weer de kop op steken.

“The major problems in the World are the result of the difference between how nature works and the way people think.” – Gregory Bateson

In de natuur werkt alles samen om tot een optimum te komen. Wat zou het mooi zijn als wij daar meer doordrongen van raken en dat aan onze kinderen kunnen doorgeven.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Voor counselling in de natuur klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen