Tagarchief: kinderen

Yoghurt groeit aan bomen – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


7 maart 2012

Dag 204: Yoghurt groeit aan bomen

Gisteren pleitte ik al voor openstellen van de bossen voor iedereen en vandaag wordt weer eens bevestigd hoe belangrijk het herstel van onze verbinding met de natuur is. Een heel klein krantenberichtje viel me op: “Yoghurt groeit aan bomen”.

Wetenschappers hebben in Australië scholieren van groep 8 onderzocht op kennis over waar hun goederen vandaan komen. Het resultaat is schokkend: sokken komen van dieren en yoghurt en roerei zijn plantaardig! De oorzaak is overduidelijk: geen enkele verbinding met moeder Natuur. Opgesloten in grote steden en achter computers creëren deze kinderen een surreële wereld voor zichzelf. En wij laten ze dat doen.

Hoe kun je een kind nu leren om respect te hebben voor de natuurlijke omgeving waar het zijn/haar bestaan aan dankt? Inkoppertje: door verbinding te laten maken met die omgeving, deze te leren kennen en te stimuleren ervan te gaan houden. Je kunt niet om iets geven wat je niet kent en waar je niet mee in contact komt.

Ik hoop van harte dat het nog niet te laat is, maar dan moeten we wel zorgen dat de natuur voor iedereen beschikbaar is.

Wordt vervolgd.

Francoise Vaal

Leren opnieuw verbinden met de natuur? Klik hier

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, natuur, Uncategorized, zintuigen

Vijf jaar oud en nu al bang voor de natuur – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


3 maart 2012

Dag 200: Vijf jaar oud en nu al bang voor de natuur

Een bizarre tegenstelling kom ik deze week tegen. Ik merk een groot contrast op tussen twee kleine meisjes en hun verbinding met dieren. Het eerste meisje van 5 jaar, ontmoet ik in het vogelhospitaal. Ze krijgt daar met haar klasgenootjes een rondleiding. De meeste kinderen zijn nieuwsgierig en kijken om zich heen, soms een tikje voorzichtig, maar meestal verwonderd over wat ze allemaal zien. Dan zie ik het meisje buiten onbedaarlijk huilen. De juf komt dichterbij en ik hoor haar zeggen: “Maar een eend is toch niet zo eng?” Het meisje huilt dikke tranen en de juf haalt haar weg bij een kwakende eend.

Als het meisje met haar groepje even later de ziekenboeg in komt is er al snel hilariteit in de groep omdat het nogal ruikt in deze ziekenzaal. Snel knijpen de kleine handjes de neuzen dicht. Nieuwsgierig kijken ze in de hokken en zeggen wat ze denken te zien zitten. Sommigen weten het precies anderen zeggen eend tegen een zwaan of meerkoet.

Dan grijpt de juf weer in: het eerdergenoemde meisje is in paniek en probeert haar huilen in te houden, maar dat lukt niet zo goed. Half hyperventilerend wordt ze door de juf mee naar buiten genomen, weg van de vogels. De andere kinderen kijken haar verbaasd na. Wat is er hier, behalve de lucht, nu zo eng?

Het andere meisje dat mijn aandacht ving, is een meisje van ongeveer dezelfde leeftijd die in een aflevering van de Dog Whisperer de opdracht krijgt om met twee honden te gaan wandelen op straat. Haar buurvrouw, van wie de honden zijn, kan niet met ze over straat zonder dat ze verschrikkelijk trekken of bang zijn. De hondenfluisteraar legt het meisje heel simpel uit wat ze moet doen, en ze doet het braaf. Tot verbazing van de eigenaresse van de honden. De reden: het meisje heeft geen vooroordelen of angsten, maar is in het Nu en doet het gewoon. Geen enkel spoor van nervositeit of ongerustheid. Missie ‘honden heropvoeding’ geslaagd.

Wat mij nu het meest intrigeert is hoe het kan dat er zo’n groot verschil tussen deze twee meisjes van 5 zit. Bang voor een hond zijn, daar kan ik me nog iets bij voorstellen, maar voor een eend? Zou het eendenmeisje nog nooit de eendjes hebben gevoerd? Zou ze überhaupt wel in contact komen met dieren of met een natuurlijke omgeving? Het leek echt of dit de eerste keer was. Het hondenmeisje was een natuurtalent, voelde zich helemaal senang met dieren om zich heen, zoals de meeste kinderen in het vogelhospitaal. De verwondering over het leven was veel groter dan hun angst.

Ik vraag me oprecht af wat er van dit kleine meisje terecht moet komen als er nu al geen verwondering is over het natuurlijke leven om haar heen…

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Leren vertrouwen op je natuurlijke zelf? 
Lees mijn ebook, te verkrijgen bij bol.com :

http://www.bol.com/nl/p/zelfvertrouwen/9200000035034679/

Hoe werkt dit boek?
Na een uitleg over hoe het kan dat we de verbinding met onszelf zijn verloren, volgen vier stappen die mijns inziens nodig zijn om weer in verbinding te komen met jezelf. In iedere stap geef ik ook een samenvatting van de ervaringen van twee cliënten, Tom en Lisa**. Zij volgden met succes deze methode.
Aan het eind van ieder hoofdstuk vind je oefeningen die je helpen met het specifieke onderdeel dat daarvoor is uitgelegd.
De vier stappen zijn:
 
Stap 1: Onderzoeken wat natuur voor je doet
Hierin ga je onderzoeken welke invloed de natuur op je heeft en welke ervaringen je ermee hebt gehad. Je weer openstellen voor zintuiglijke prikkelingen die voor je welzijn zorgen, staat hier centraal.
 
Stap 2: Bewust worden van het hoofd versus het lichaam
Deze stap maakt je bewust van het verschil tussen gedachten en gevoel. Het wordt je duidelijk op welke wijze je rationele denken je zintuigen kan dwarszitten. Verschillende manieren van het omzeilen van de zintuigen en hoe je dit kunt voorkomen worden besproken.
 
Stap 3: Het lichaam weer verbinden met het hoofd
Het creëren van optimale samenwerking tussen gevoel en ratio is de volgende stap. Belangrijk is om de juiste woorden te leren geven aan wat je voelt. Het voelen en denken wordt weer één. Het bekrachtigen van ervaringen door er woorden aan te geven is van essentieel belang om positieve ervaringen te verankeren in je lichaam. Dan weet je wanneer je op jezelf kunt vertrouwen.
 
Stap 4: Met zelfvertrouwen je eigen pad volgen
Als laatste ga je durven volgen wat je hart je ingeeft: je gaat in actie komen!
In deze stap leer je, aan de hand van voorbeelden en een actieplan, verschillende mogelijkheden om vol zelfvertrouwen de juiste weg te kiezen of beslissingen te nemen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Emoties als bewijs voor belang van natuur – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


24 januari 2012

Dag 161: Emoties als bewijs voor belang van natuur

Het is een feit dat mensen, als ze ouder worden, vaker terug grijpen naar hun roots. Ze zoeken dan hun geboorteplaats op, of een plek uit het verleden waar ze goede herinneringen aan hebben. Dit gevoel kan zelfs zo sterk zijn dat mensen, die al lang geleden geëmigreerd zijn ineens heimwee krijgen naar hun geboorteland. Sommigen wagen de terugkeer, maar komen bedrogen uit. Ze herkennen de plek niet meer waar ze zijn opgegroeid, het huis is afgebroken, de buurt volgebouwd. Niets herinnert hen meer aan de gelukkige tijden die ze er gekend hebben.

In mijn praktijk doen zich een aantal afzonderlijke emotionele taferelen voor als ik cliënten vraag naar een plek waar men zich ontspannen en gelukkig heeft gevoeld. Ze vertellen dat ze de beste jeugdherinneringen hebben aan het spelen in het bos, het varen met bootjes, het klimmen in bomen of zwerven door een polder. Ze voelden zich helemaal in hun element in de natuur. De pijn is zichtbaar als men vertelt dat het gebied er niet meer is of dat het heeft plaatsgemaakt voor een fabriek. Alsof een trouwe vriend is overleden.

In dit kader is het zuur om te constateren dat kinderen tegenwoordig veel te ver van de natuur opgroeien. Nooit eerder was dit zo extreem. Concentratiestoornissen, overgewicht en emotionele problemen kunnen in direct verband worden gebracht met een tekort aan natuur. (De Gezondheidsraad en Wageningen Universiteit hebben hier onderzoek naar gedaan).

Ouderen vertellen niet alleen over de beweging die ze kregen in de natuur, maar ook over het leren over dieren en hun vaardigheden en over bijzonderheden van planten.  Daarnaast noemen ze allemaal de rust die het met zich mee bracht en de daarmee gepaard gaande positieve gevoelens.

Als dit het geval is, klinkt het heel logisch dat als kinderen meer in contact komen met de natuur, er niet alleen meer beweging is, ze meer frisse lucht en zonlicht krijgen, maar ook hun eigen natuur leren kennen. Ze ervaren wat Het Leven daadwerkelijk is en dat ze er deel van uit maken. Dit kan hun ontwikkeling alleen maar ten goede komen. Het zelf ervaren heeft veel grotere impact dan er in een boek over lezen.

Daarmee pleit ik voor meer groene buitenlessen in het onderwijs. Ouderen die een zeer emotionele binding hebben met de natuur waarin zij opgroeiden, leveren daarmee wat mij betreft steekhoudend bewijs.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

 

Bij redelijk weer wordt er weer gewandeld a.s. zondag : Terugnaarjenatuur wandeling

(wel even aanmelden van te voren)

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Natuur door de ogen van een kind


31 oktober 2011

Dag 98: Natuur door de ogen van een kind

“The pursuit of truth and beauty is a sphere of activity in which we are permitted to remain children all our lives.” ~ Albert Einstein

Ik vind dit wel een toepasselijke quote voor een aantal bevindingen van de afgelopen dagen. Allereerst kwam ik ergens in een artikel tegen dat een echtpaar met hun jonge kinderen op wereldreis waren en zij anders naar de wereld gingen kijken juist door de aanwezigheid van de kinderen. Ze noemen als voorbeeld dat ze bij een gigantische waterval in Brazilië zijn aangekomen en de kinderen eigenlijk alleen maar oog hebben voor een vlinder. De ouders worden tijdens hun reis steeds geconfronteerd met de verwondering van hun kinderen, die heel anders lag dan bij hen zelf.

Toen ik de afgelopen week aan het wandelen was viel me het verschil op tussen kinderen die aan de ‘leiband’ van de ouders liepen, en kinderen die vrij waren. De vrije kinderen konden zelf op ontdekkingsreis gaan in het bos en daarmee hun eigen zintuigen volgen. De andere, onvrije, kinderen werden door hun ouders veroordeeld voor het vies maken van hun broek of schoenen en werden ook steeds gewaarschuwd voor vieze of gevaarlijke dingen. Zij zagen er een stuk ongelukkiger uit dan de vrije kinderen. Dat het een hele opgave was om met hun ouders het bos in te gaan, was wel duidelijk.

Er zit natuurlijk een groot verschil tussen het helemaal aan het lot overlaten van kinderen en ze zoveel mogelijk beperken in vrijheid. In beide gevallen is er geen goede verbinding tussen de ouders en de kinderen. De één is niet echt geïnteresseerd in de belevingswereld van het kind, en de ander wil zijn wil opleggen aan het kind of denkt alleen aan de eigen consequenties (wassen van de kleding).

De meest enthousiaste kinderen zie je, als in ieder geval één van de begeleiders (kan ook opa of oma zijn) meegaat in de nieuwsgierigheid van de kinderen, of sterker nog: wanneer de ouder zelf in zijn kind-rol stapt en zich ook over van alles verwondert.  Je ziet dan een prachtige gedeelde geestdrift ontstaan. Even uit de verantwoordelijke rol stappen (zonder gevaarlijk te gaan doen) en met verwondering naar de wereld om je heen kijken, los van conventies en patronen, is bevrijdend en geeft energie.

De meest eenvoudige vragen die je dan kunt stellen kunnen baanbrekend zijn. En daar hoef je geen wetenschapper voor te zijn. Einstein gebruikte zijn kinderlijke nieuwsgierigheid om naar de natuur te kijken en dat legde hem geen windeieren.

Een Duitse bioloog keek door kinderogen naar vervormde bomen en vroeg zich af: die boom heeft een bult, waarom is dat? En zo ontstond zijn onderzoek naar hoe bomen zichzelf verstevigen na een tak-breuk. Dit principe is gekopieerd en wordt nu in de bouw toegepast.

Brainstormen over een probleem gaat ook alleen maar goed als je door kinderogen naar het probleem durft te kijken. De ontvankelijkheid en vrijheid geven ruimte voor nieuwe ideeën.

De simpele vraag van een kind: “Hoe kan die boom nou zoveel water opzuigen? Heeft ie een pomp?” is voor wetenschappers een hele goede vraag, want hoe doet die boom dat eigenlijk zonder elektrisch aangedreven motoren? Mijn volgende gedachte is dan meteen: wij zouden dat ook zonder opgewekte energie moeten kunnen!

Nieuwsgierigheid, verwondering en vrij zijn van conventies, dat zijn de belangrijkste componenten om met een frisse blik naar iets te kijken. Laten we die kwaliteiten zo lang mogelijk respecteren in onze kinderen, wie weet is de volgende Einstein in aantocht.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Voor counselling in de natuur klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Lang leve speelsheid


5 oktober 2011

Dag 72: Lang leve speelsheid

Een kind dat hele verhalen houdt tegen een bij in een bloem en zegt dat hij een vogel als vriendje heeft, vinden we koddig. Wij, volwassenen, lachen erom en spelen mee zo goed we kunnen. Het kind voelt dat ons, goedbedoelde, meespelen niet gemeend is en haakt af om zijn eigen spel te spelen, in zijn wereldje.

Met enige jaloezie kan ik naar zijn eerlijke naïviteit kijken. Stiekem zou ik ook weer zo op kunnen gaan in een wereld waarin niet alleen maar logica prevaleert en waarin niet van je verwacht wordt continu te analyseren en te stroomlijnen tot je er bij neervalt.

Spelen is voor kinderen en dat behoor je niet meer te doen als je volwassen bent. Zegt men. (Welke wet is dat?) En doe je het toch dan krijg je het stempel ‘midlife crisis’ op je hoofd gedrukt.

Wij leven in een rationele wereld en kinderen leven in een zintuiglijke, natuurlijke wereld. Hoe kleiner ze zijn, hoe meer ze op gevoel doen. Maar hoe groter ze worden hoe meer het rationele opgedrongen wordt en het zintuiglijke achterwege moet blijven. Want dat hebben wij volwassenen ooit een keer bedacht.

We zijn zo gewend aan onze eigen aangeleerde rationele manier van zaken interpreteren dat we niet openstaan voor andere, gevoelsmatige, interpretaties zoals die van kinderen. We kunnen dan ook gewoonweg niet met ze praten, omdat we ver van onze instincten zijn geraakt en kinderen daar nog heel dicht bij zijn. Omdat we niet meer zo ‘voelen’ plakken we er een rationeel etiketje op en denken te ‘weten’ wat er in hen omgaat. Ondertussen ‘voelen’ we niet wat er speelt.

Omdat we alleen ons brein gebruiken met alle verhaaltjes en overtuigingen die daar door de jaren heen in geplant zijn, weten we niet meer te communiceren met diegenen die het van hun zintuigen moeten hebben. Er zijn niet voor niets Dog, Horse en Baby Whisperers. Hiermee geven we al aan, dat wij het zelf niet aanvoelen en te rade moeten gaan bij anderen die dat wel kunnen.

We maken dus geen echte gevoelsverbinding. Taal en ratio alleen maakt geen diepe connectie met een ander levend wezen. Daar is gevoel voor nodig. Gevoel straal je uit en dat wordt zintuiglijk door de ander opgevangen.

Ik word doodmoe van mensen die alleen maar doorzagen over helder denken, ratio gebruiken en de zintuigen gemakshalve maar even achterwege laten. Mij bekruipt het gevoel dat deze mensen heel graag boven ons apenverleden uit willen stijgen en niet herinnerd willen worden aan zoiets ‘ongeciviliseerds’ als zintuigen.

En dat is jammer, want als je opnieuw leert vertrouwen op wat al je zintuigen (op de hoeveelheid kom ik later terug) je vertellen en je de juiste bewoordingen erbij leert vinden, gaat er een nieuwe, veel speelsere, wereld voor je open.

Wordt vervolgd

Françoise Vaal

Voor counselling in de natuur klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen