Tagarchief: oordelen

Wie ben je zonder naam? 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


22 juni 2012

Dag 305: Wie ben je zonder naam?

Dit blogje is een aanzet om dit weekeinde eens te oefenen in het ont-stickeren van anderen en van jezelf.
De natuur maakt onderling verbinding zonder namen te geven of te veroordelen. Verbindingen worden alleen op basis van aantrekkelijkheid gemaakt.
Als je nu eens alle stickers van je naasten afhaalt, wat blijft er dan over? Waar wil je dan eigenlijk verbinding mee maken?
Als dit duidelijk voor je is, haal dan de stickers van jezelf af. Ervaar wie je bent zonder alle namen die op je geplakt zijn. Wie ben je dan eigenlijk?

Wordt vervolgd.

Francoise Vaal

Leren loslaten in de natuur? Klik hier

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, natuur, zintuigen

Een Vlaamse gaai en het perspectief – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


14 juni 2012

Dag 298:  Een Vlaamse gaai en het perspectief

Al dagen ben ik gefascineerd door een verandering van perspectief. Eergisteren schreef ik over het perspectief op het leven vanuit een vliegtuig, gisteren vanuit een historisch perspectief. Vandaag valt me een heel andere op.

In het vogelhospitaal is het nog steeds een drukte van belang. De hoeveelheid kleine nestvogeltjes is afgenomen, maar de ‘jeugd’ is nog steeds aanwezig. In dit geval een groepje van een stuk of zes Vlaamse gaaien. Ze schreeuwen moord en brand vanwege hun honger en vliegen me bijna aan als ik voor hun couveuse plaatsneem. Tegelijk sperren de snaveltjes zich open onder een soort hees geluid (niet zo hard als dat van jonge eksters, dan heb je echt oordoppen nodig) en ik kan niet snel genoeg eten naar binnen werken.

Als ze zo gefocust zijn op eten dan doen ze niets anders dan zich aan je opdringen. Maar zitten de buikjes al een beetje vol, dan worden ze niet meer geleid door hun honger en hebben ze meer aandacht voor andere dingen. Toen viel het me op dat ze geen enkel besef hebben van wat mijn voor- of achterkant is. Ze herkennen mij als mens niet en kijken eigenlijk alleen maar naar mijn hand. Daar komt tenslotte het eten vandaan. Ze pikken er voorzichtig naar, gaan er op zitten (willen soms ook niet meer loslaten) en bestuderen het pincet dat de worm vasthoudt.

Vanuit hun perspectief bekeken moet het ook wel heel raar zijn. Een soort vogel met twee koppen, namelijk onze handen. Ooit las ik ergens dat honden ook zo naar ons kijken. Voor hen hebben we 3 hoofden, dat ding waar geluid uit komt en dat kan bijten, en die twee andere die eten geven maar ook kunnen ‘bijten’.

Voor mij geeft dit eens te meer aan dat wanneer je ophoudt met stickers op mensen, dieren of planten te plakken er ineens andere waarden naar voren komen. Vanuit het perspectief van de Vlaamse gaai is mijn hand de ‘voedende moeder’.

Stel je eens voor dat je al je etiketjes loslaat en alleen kijkt naar de waarde, of het Zijn, van een levend wezen, dan ziet de wereld er ineens anders uit. Of eigenlijk: het voelt al meteen anders. Je gaat de ander pas ‘voelen’, als je de taal (en daarmee ratio) hebt uitgeschakeld. Kijk maar eens naar een ander en plak geen sticker, wat ervaar je dan?

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Ophouden met labellen en dat leren in de natuur? Klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, natuur, zintuigen

Zinloos oordelen – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


1 april 2012

Dag 228: Zinloos oordelen

Over smaak valt niet te twisten. Een heel oud gezegde, vaak gehoord, maar nog vaker onbegrepen. Mensen twisten namelijk continu over smaak. Of het nu over een bankstel, muziek, een politieke partij of de opvoeding van kinderen is, er valt altijd iets te zeggen over de smaak en het bijbehorend gedrag van een ander. Op één of andere wijze leren we ergens dat we een oordeel over het gedrag van een ander MOETEN vellen. Waarom?

We doen niet anders dan beslissingen nemen gebaseerd op oordelen. Toen we allemaal nog een aap waren en we moesten beoordelen of iemand vriend of vijand was, leek dat een logische eigenschap. Je leven zou namelijk in gevaar kunnen zijn. Maar is dat nu nog steeds zo?

We oordelen wat af op een dag. Die doet zijn werk niet goed, die ziet er belachelijk uit, die is een patser of een zwever en die voedt haar kinderen niet goed op. Overal kunnen we een mening over hebben. Sterker nog, we kunnen er helemaal in opgaan zodat het onze dagbesteding wordt: de hele dag praten over het leven en gedrag van anderen.

We doen dit zo graag omdat als een ander het slechter heeft dan wij, wij ons al snel beter voelen. Of we vervelen ons en gaan het eens hebben over een ander (we kijken niet voor niets naar soaps, reality shows en het tv programma Boulevard). Als we een oordeel kunnen vellen over een ander, hoeven we even niet aan ons imperfecte zelf te denken en voelen we ons stiekem een stukje beter dan degene over wie een oordeel wordt geveld.

Oordelen heeft dus een functie: de aandacht van jezelf weg halen met de mogelijkheid je ook nog beter te voelen.

Helaas voel je je op de lange duur niet beter. We voelen ons beter als we ons leven zelf vormgeven, nagaan waar we zelf toe aangetrokken worden en onze eigen visie volgen. Als we het oordelen los laten, voelen we ons bevrijd. We focussen op wat goed voor ons is in plaats van onze aandacht uit te laten gaan naar andere levens waar we niets mee van doen hebben.

Het is veel aantrekkelijker om onze eigen zintuigen te volgen, dan te focussen op die van een ander. De eigen ervaring gaat boven alles. Het energie steken in je eigen leven door te werken aan de onderdelen die daar niet goed aan zijn, geeft meer voldoening dan oordelen over het leven van een ander.

Er zou zoveel minder haat en nijd zijn als men het oordelen achterwege zou laten. Zoals ik al zei, in de natuur wordt er alleen geoordeeld als men in levensgevaar verkeert. Maar zeg nou zelf, wanneer doen wij westerlingen dat nou?

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Leren oordelen los te laten? Klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, ecopsychologie, natuur

Loslaten door te leven zonder labels – 365 dagen verbinden met de #natuur – #ecopsychologie


12 februari 2012

Dag 180: Loslaten door te leven zonder labels

Het is nu echt te koud om lang buiten te zijn en stil te zitten. In de lente en zomer is het heerlijk om op een stil plekje te vertoeven en de omringende natuur te ervaren. Op dit moment sneeuwt het en ik moet vanachter de schuifpui naar de kleine vogels kijken in mijn tuin. Ze zijn heel druk met zaadjes zoeken onder de kale hortensia’s. Pimpelmezen, staartmezen, merels, roodborstjes, Vlaamse gaaien, eksters, goudvinken, koolmezen, winterkoninkjes en duiven, van alles resideert in mijn tuin. Ik realiseer me dat wij, mensen, ze een naam hebben gegeven. Dat vergemakkelijkt het communiceren. Door iets te benoemen weet de ander waar je het over hebt. Maar wat gebeurt er als je die ‘labels’ loslaat? Wat blijft er dan over?

Ik blijf kijken naar de vogels en moet helemaal terug naar de basis als ik de namen loslaat. Uiteindelijk zie ik wezens die aangetrokken worden tot eten en zoeken naar datgene dat hen voldoening schenkt. Ineens zijn ze allemaal hetzelfde. Maar als ik datzelfde trucje toepas op mezelf: wie ben ik dan, zonder naam?

Het ego vecht hard om me vooral maar te laten denken dat ik Françoise ben, counselor en coach, schrijver, geliefde, zus, tante …en ga zo maar door. Het kost moeite om het ego de mond te snoeren, maar hoe langer ik kijk naar de vogels hoe duidelijker het wordt. De labels zeggen iets over het verleden en daarmee ben ik niet in het hier en nu. In de natuur is alles in het heden, omdat ze niet met namen, woorden, overtuigingen en aannames werkt. Ze werkt louter met aantrekkingskrachten.

Ook ik ben een wezen dat aangetrokken wordt tot voedsel dat me voldoening schenkt, tot een veilige slaapplaats waar ik kan overnachten, tot een heldere drinkplaats en tot een plaats in de gemeenschap. Mijn basis is niet anders dan die van vogels of van ieder ander levend wezen op deze planeet. Zolang je de labels, benamingen en verhaaltjes die aan iets of iemand vastgeplakt zitten negeert, komt de basis tevoorschijn.

Als je beseft dat al het leven op aarde maar één ding wil: in eigen essentie leven, dan wordt het leven een stuk simpeler. Dan kijk je door de huidskleur van iemand heen, door een handicap, door een cultuur. Dan zie je een wezen dat wil leven door te ademen, te eten, te drinken, te slapen, te bevrienden en deel te nemen aan het geheel. Pas als we stickers gaan plakken, verbreken we de verbinding met de gedeelde basis van alles en creëren we verschillen. Dat doet de mens dus, niet de natuur.

Wordt vervolgd.

Françoise Vaal

Leren vertrouwen op je natuurlijke zelf? 
Lees mijn ebook, te verkrijgen bij bol.com :

http://www.bol.com/nl/p/zelfvertrouwen/9200000035034679/

Hoe werkt dit boek?
Na een uitleg over hoe het kan dat we de verbinding met onszelf zijn verloren, volgen vier stappen die mijns inziens nodig zijn om weer in verbinding te komen met jezelf. In iedere stap geef ik ook een samenvatting van de ervaringen van twee cliënten, Tom en Lisa**. Zij volgden met succes deze methode.
Aan het eind van ieder hoofdstuk vind je oefeningen die je helpen met het specifieke onderdeel dat daarvoor is uitgelegd.
De vier stappen zijn:
 
Stap 1: Onderzoeken wat natuur voor je doet
Hierin ga je onderzoeken welke invloed de natuur op je heeft en welke ervaringen je ermee hebt gehad. Je weer openstellen voor zintuiglijke prikkelingen die voor je welzijn zorgen, staat hier centraal.
 
Stap 2: Bewust worden van het hoofd versus het lichaam
Deze stap maakt je bewust van het verschil tussen gedachten en gevoel. Het wordt je duidelijk op welke wijze je rationele denken je zintuigen kan dwarszitten. Verschillende manieren van het omzeilen van de zintuigen en hoe je dit kunt voorkomen worden besproken.
 
Stap 3: Het lichaam weer verbinden met het hoofd
Het creëren van optimale samenwerking tussen gevoel en ratio is de volgende stap. Belangrijk is om de juiste woorden te leren geven aan wat je voelt. Het voelen en denken wordt weer één. Het bekrachtigen van ervaringen door er woorden aan te geven is van essentieel belang om positieve ervaringen te verankeren in je lichaam. Dan weet je wanneer je op jezelf kunt vertrouwen.
 
Stap 4: Met zelfvertrouwen je eigen pad volgen
Als laatste ga je durven volgen wat je hart je ingeeft: je gaat in actie komen!
In deze stap leer je, aan de hand van voorbeelden en een actieplan, verschillende mogelijkheden om vol zelfvertrouwen de juiste weg te kiezen of beslissingen te nemen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, natuur

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Zintuigen liegen niet


21 november 2011

Dag 119: Zintuigen liegen niet

Soms zou ik willen dat ik biologie had gestudeerd. Een beetje raar eigenlijk want ik heb maar 2 jaar biologie op de middelbare school gehad en was blij dat ik het vak kon laten vallen. De eerste reden die ik daarvoor kan bedenken is dat de lerares niet heel erg inspirerend was. Als je van de lagere school af komt, waar je amper biologie hebt gehad, en ineens in een wetenschappelijke biologie wereld wordt gegooid, dan mis je een stap. Althans, voor mij was dat kennelijk een onoverbrugbare stap.

De tweede reden is dat het heel veel ging over de biologie van de mens en heel weinig over dieren en planten, en vooral bij dieren lag (en ligt) mijn interesse. De derde reden was simpelweg dat we geen enkele maal met de klas de natuur in zijn gegaan en dat het alleen maar om boeken wijsheid ging en een enkele diavoorstelling. Natuurlijk was er een proeflokaal waarin we proefjes konden doen (nee geen sectie op een kikker, gelukkig!), maar wel onze eigen bloedgroep bepalen, cellen bekijken onder de microscoop en een taugéboontje laten groeien.

Ik moest vooral veel namen van menselijke onderdelen leren. Heel technisch allemaal. En daarmee hebben ze een biologie student verloren. Er gaat toch niets boven het werken met het echte materiaal en te aanschouwen wat het buiten in de eigen context doet. Ik snap heus wel dat er boekenwijsheid aan te pas moet komen, maar dan wel in balans met het echte buitenwerk waar de zintuigen aan het werk zijn.

Voor mij is het namen geven of precies weten welke vogel ik zie, niet het belangrijkste. Met het determineren van wat ik zie gaat een groot gedeelte van de charme van het organisme verloren. Wij willen er graag een naam aan geven omdat we het graag in een hokje stoppen en beoordelen.

Vorige week had ik een discussie in een nieuwsgroep met een biomimicry wetenschapper die hier niet aan wilde. Hij heeft, zoals iedereen, geleerd om meteen een naam, oordeel of kwaliteit te geven aan het organisme dat hij ziet. Daar is de wetenschap ook voor zou je zeggen. Mijn standpunt is dat het, zeker voor de biomimicry designers en engineers, een eerste stap is om te voelen hoe een organisme werkt, door de eigen zintuigen te observeren in de omgeving van het dier of de plant. Hiermee is het mogelijk om veel meer informatie te verkrijgen dan wanneer je heel snel gaat kwalificeren. De namen zijn ooit bedacht en kunnen ons beperken in het zoeken naar nieuwe mogelijkheden. We kunnen wel de scheikunde tabel van elementen uit ons hoofd kennen, maar dan zien we waarschijnlijk niet welke ongedetermineerde elementen er ook nog zijn.

Dit is nog maar weer eens een pleidooi om in situaties eerst te gaan voelen en pas later er met gedachten consequenties aan te verbinden. In het voelen zit namelijk alle creativiteit, ruimte en intuïtie. In de ratio zitten al snel: oordelen, beoordelen, aannames en overtuigingen, die helemaal naast de waarheid kunnen zitten. Onze zintuigen liegen echter nooit.

Wordt vervolgd.

Francoise Vaal

 

Voor counselling in de natuur klik hier

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, Uncategorized, zintuigen

Ecopsychologie: 365 dagen Verbinden met de Natuur: Ongedierte bestaat niet


28 september 2011

Dag 65: Ongedierte bestaat niet

Vandaag lees ik een stuk in de krant dat rept over ongedierte en op welke wijze mensen daar last van hebben. Er worden voorbeelden gegeven van een klaslokaal dat leeg staat omdat een steenmarter zich heeft gevestigd onder het dak en het er nu vreselijk stinkt. Ook wordt beschreven hoe een stad last heeft van een populatie meeuwen die niet alleen alles onder poepen maar ook de vuilniszakken stukpikken (zijn er daar geen kliko’s dan?)

We hebben last van muizen, zilvervisjes, ratten, vlooien, muggen, vliegen, vogels onder het dak, gakkende ganzen, blaffende honden, krijsende katten, stelende vossen, lawaaimakende duiven, tikkende spechten…. Waar hebben we eigenlijk geen last van?

We kunnen ons natuurlijk ook de vraag stellen: Waarom hebben we er last van? Wat is de achterliggende reden dat we last hebben van onze omgeving? Hoe vinden wij dan dat ons leven er uit moet zien, als we al deze ‘onruststokers’ zouden willen elimineren? Ik denk dat we dan op een bol wonen die eruit ziet als de maan. Glad, geen dier, geen plant, geen wind, geen regen, niets. Dan hebben we nergens last van en kunnen we gewoon ons ding doen.

Want dat is het, we willen niet gestoord worden in ons eigen ritme. We zijn zo gefocust op onszelf, leven met oogkleppen op, dat we niet lastig gevallen willen worden door buitenstaanders waar we geen behoefte aan hebbe. We stellen ons er boven, vinden dat wij belangrijker zijn, dat we meer rechten hebben, en dat al dat ongedierte en onkruid geen reden tot bestaan heeft.

De afgelopen dagen schreef ik er al over: als je meer leert over de natuur om je heen, dan krijg je er meer respect voor. De genialiteit van dieren, maar ook planten, is fenomenaal. Daar kunnen wij nog zoveel van leren. En vergeet niet: wij zijn de benjamins op deze planeet. Wij kwamen het laatst!

Als we ons prettig willen voelen in onze omgeving, dan moeten we leren om te co-existeren. Of: op een prettige wijze samen te wonen, als in een ecologisch systeem waar voor alles een plek is. Natuurlijk betekent dat niet dat je je huis moet laten overlopen door muizen, ratten of kakkerlakken. Er zit een grens aan, die gerust aangegeven mag worden. En de natuur leert ook.

Een voorbeeld:

In het voorjaar heb ik een vlinderhuisje opgehangen, gekocht bij de dierenwinkel om vlinders en motten een goed onderkomen te geven. Het hing nog geen dag of een grote kruisspin had precies voor de ingang van het huisje een web gesponnen  (is dat geniaal of niet?).  Daar had ik geen vrede mee. Ik doodde de spin niet, maar haalde het web weg, in de hoop dat hij ervan zou leren.

De volgende dag had de spin wederom een web op dezelfde plek gesponnen. En weer haalde ik het weg. De dag erna, precies hetzelfde. Wederom verwijderde ik het web, vastberaden om de spin te ontmoedigen. Op dag 4 was het wonder geschied, de spin had weer een web gemaakt maar nu ver naast het huisje. Hij had er dus van geleerd!

Ik heb mijn grens aangegeven en heb hem de mogelijkheid gegeven een andere oplossing te zoeken. Mijn standpunt was dan ook dat van ‘samen leven’ en niet dat van ‘ik word lastig gevallen door een spin’. Dat is een hele andere bril waardoor je dan naar de wereld kijkt.

En laten we wel zijn, ongedierte is een label dat de mens op dieren heeft geplakt. Hetzelfde geldt voor onkruid. In de natuur bestaan geen labels. Iets is, of is niet. Je hebt ergens iets aan, of niet. Geen labels, geen naampjes, geen oordelen.

Omdat wij er niet direct iets mee kunnen, het ons niet aantrekt, is het onkruid of ongedierte. We hebben er een oordeel over, en dus maken we er geen verbinding mee. We plaatsen een muur tussen de natuur en onszelf. En als we er geen verbinding mee maken, hebben we er geen respect voor en vinden we de natuur irritant.

Ik had ervoor kunnen kiezen om de spin irritant te vinden. Ik deed het tegenovergestelde: ik leerde hem een andere, meer aantrekkelijke plek, te vinden. En zo krijg ik respect voor het diertje en heb ik er zelf een heel goed gevoel over. Ik heb verbinding gemaakt met een stukje natuur, want ik woon IN de natuur, niet ernaast, erboven of apart ervan. Dan kan ik net zo goed naar de maan.

Wordt vervolgd.

Francoise Vaal

Voor counselling in de natuur klik hier

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Dagboek, Dieren, ecopsychologie, emoties, natuur, zintuigen